Hanami – Het feest van de Japanse sierkers

 

Wolken lichtroze en witte bloemetjes die uitbundig de lente vieren. Zo ziet de liefhebber de Japanse sierkers. Al zijn er ook andere opinies.

 

Niet negatief a.u.b.

Neen, we gaan het niet hebben over die roze bloeiende bomen die in de jaren zeventig vele straten opsierden en bij vele lezers nog herinneringen zullen oproepen aan het meermaals vegen en opkuisen van gevallen bloemblaadjes. Deze ‘Kanzan’ is een typisch voorbeeld van een verkeerd en overmatig gebruik van een ‘in se’ goede plant. In deze bijdrage willen we aantonen dat Japanse sierkersen prachtige bloeiers zijn, die terecht tot op de dag van vandaag een belangrijke rol spelen in het leven van iedere Japanner.

 

Vanuit de natuur naar de mens

De sierkers komt in Japan voor op hellingen, waar ze op open plekken in de bossen, genieten van voldoende licht om te gedijen. Daar vinden we voornamelijk Prunus serrulata var. spontanea en var. speciosa. De oorspronkelijke bevolking van Japan woonde aan de voet van diezelfde bergen, op deze wijze overstromingen aan de kust ontwijkend. Door plaatselijke ontbossing creëerden ze ruimte voor hun landbouw en bewoning. En de kerselaars profiteerden hiervan en zaaiden zich uit op deze lichtere plaatsen. Verder van de woning, hoger op de bergflank, werden ook gedeelten van het bos gebruikt om hout en vruchten te oogsten. Die gedeelten, duidelijk gedefinieerd en constant dezelfde stukken, werden dus beheerd en ook hier ontstonden zo plaatsen met meer licht en, dus, meer kerselaars. En hoewel deze bomen geen direct nut hadden, want geen eetbare vruchten leveren, gingen de mensen ze appreciëren. Zaailingen werden vanuit die hogere bosgedeelten, zogenaamde sato-yama (dorp-berg), naar de dorpen overgeplant.

Zo ontstond later de naam satozakura als algemene term voor Japanse sierkersen die men al eeuwenlang kent van plekken waar menselijke activiteit was en/of is. Dit om ze te onderscheiden van de yamazakura, de echte wilde kersen uit de bergen, waarbij ook de bekende P. incisa, de Fuji-kers.

 

Groeiende populariteit

In de vijfde eeuw werd Japan overspoeld met inwijkelingen uit China en Korea. Zij brachten hun cultuur mee en verwierven al snel belangrijke posten in het bestuur van Japan. Enkele voorbeelden van zaken die Japan aan hun komst te danken heeft zijn: het kweken van de zijderups en van paarden, de introductie van de moerbei, rapen en pompoenen, Acorus en Celosia…
In de 7de eeuw werd Japan verenigd onder de Yamoto clan en werd Nara de keizerlijke hoofdstad. Er was een hoog cultureel niveau, met duidelijke invloeden en deelname van de inwijkelingen, die zich door huwelijk ook binnen de keizerlijke familie hadden ingewerkt. Literatuur en geschiedenis kenden een hoge vlucht. In Nihon Shoki (Kronieken van Japan), een boek uit 712, lezen we over een keizerlijk banket in 402. We lezen dat toen aan Keizer Richū een kommetje rijstwijn (sake) werd aangereikt, hierin een kersenbloesem viel . Verrast door de schoonheid van de bloem wilde de keizer weten waar die vandaan kwam. Werkelijkheid of mythe? Volgens het verhaal ging het om een bloem van Prunus mume, een Chinese plant die geliefd was in Japan en tot op de dag van vandaag model staat op porselein en keramiek, kledij en in poëzie. In ieder geval was in de 8ste eeuw de sierkers al geliefd.
In poëzie staat de bloei van de sierkers vooral voor de betrouwbare jaarlijkse terugkomst van de lente, in een vreedzame, eindeloze cyclus van seizoenen. Het vallen van de bloemblaadjes symboliseert de eindigheid van alles, zelfs al is het nog zo mooi.

De populariteit van de sierkersen bleef stijgen en er werden ook soorten van het vasteland ingevoerd en ingekruist. Er werden hellingen aangeplant met eenzelfde kerselaar, zoals de beroemde berg Yoshino, nabij Nara. De eerste officiële cherry-viewing party (hanami) zou hebben plaatsgehad in 1812, bij gelegenheid van een banket georganiseerd door Keizer Saga, in de Shinsen-En tuin in Kyoto.

WOII betekende een moeilijke tijd, ook voor de kerselaar. Hij werd misbruikt als symbool van de superioriteit van Japan. Het onschuldige kinderversje uit 1933 “Saita, saita, sakura ga saita” (hij bloeit, hij bloeit, de kerselaar bloeit) werd een slogan in de aspiraties voor een groot Japan. Zelfs de uniformen van de gewone soldaten kregen een rozerode kraag als symbool van de kersenbloesem. Ze zongen liederen als:

Tienduizend bloeiende twijgen,

Roze als de kraag van het soldatenuniform,

Verwaaien in een storm van Yoshino.

Geboren als zoon van Groot Japan

Om te sterven in het heetst van de strijd,

Verspreid als een bries van bloemblaadjes.

 

Na WOII duurde het even vooraleer de sierkers terug in ere werd hersteld. In 1962 werd een groep onderzoekers samengebracht in de Flower Association of Japan (Nihon Hana no Kai). Zij plantten actief kerselaars in zowel als buiten Japan. In 1982 brachten zij een belangrijk boek uit: Manual of Japanese Flowering Cherries. Ze organiseerden ook symposia over kerselaars en zo werd ik in 1990 uitgenodigd om in Takato te spreken op zulke bijeenkomst, meer bepaald over het werk dat in Arboretum Kalmthout werd verricht bij de selectie van nieuwe vormen.

 

Japans kersenbloesemfestival of Hanami

Wanneer de kerselaars bloeien, is dit aanleiding tot een groot volksfeest. Op de plaatsen waar massaal bloeiende bomen te vinden zijn, zoals op de berg Yoshino, verzamelen gezinnen, maar ook bureaupersoneel en andere groepen zich, elk onder een ‘eigen’ boom. Er wordt gedronken en gelachen, gedichten worden voorgedragen en gezongen… De bomen hangen vol lampions, en weer of geen weer, men is massaal aanwezig. Omdat de bloei varieert naargelang de streek (van eind februari in Okinawa tot einde mei in het noorden van Hokkaido), wordt elke dag op televisie aangekondigd waar de bomen het mooist zijn. En het Kersenbloesemfestival of Hanami wordt ook buiten Japan gevierd, bijvoorbeeld in Taiwan, Korea, de Filippijnen en China. Maar ook in de VS (Macon in Georgia) en Finland bijvoorbeeld. Het enige probleem is dat de bloei van een individuele boom slechts een tweetal weken duurt, dus aankondigen via geschreven pers is moeilijk. Anders zouden er in ons land zeker plaatsen zijn waar we hanami zouden kunnen vieren, bijvoorbeeld in Arboretum Klamthout, waar een grote collectie sierkersen staat.

 

Zes maanden bloeiende sierkersen!

Tijdens mijn verblijf in Japan voor de conferentie in Takatoh (zie hoger), bezocht ik ook de International Garden and Greenery Exhibition in Osaka, die duurde van 1 april tot 30 september. Het verbaasde me dat er in het paviljoen van de overheid een bloeiende sierkers stond, terwijl ze in Osaka al uitgebloeid waren. Nog verbaasder was ik, toen men mij vertelde dat gedurende de hele periode van de show, dus zes maanden, er continu een bloeiende sierkers zou staan. Om de veertien dagen werd die vervangen door een andere plant, speciaal aangevoerd vanuit de regio waar de planten op dat ogenblik in bloei stonden. Fanatiek of…?

Elke dag en nacht zien en bewonderen de vissers de kersenbloesems van Shiogama,
waar zij hun hutten hebben. Oh, hoe benijd ik hen…
(toegeschreven aan Keizer Horikawa (1086-1158))

Oh! Kerselaars in de velden van Fukasuka!
Als jullie ook treuren om zijn dood,
Laat dan je bloesems in koolzwart bloeien dit jaar
(naar aanleiding van de dood van eerste minister Fujiwara no Mototsune in 891)

uit : Fence – april 2013