De klaproos, veel meer dan onkruid

 

Als we het hier over de klaproos hebben, doelen we op de Gewone of Grote klaproos, Papaver rhoeas. Er bestaat ook een Kleine of Bleke klaproos, P. dubium, die een oranjekleurige bloem heeft en een Ruige klaproos, P. argemone, met opvallend borstelige zaaddozen. Maar de soort die we hier bekijken is rood, met opvallende zwarte vlek aan de basis van elk bloemblaadje.

 

Zomers buitenleven

De wat ouderen onder ons herinneren zich zeker nog de randen van de velden, langs vaak stoffige zandwegen in de zomer getooid in allerlei kleuren, met rode klaprozen en blauwe korenbloemen als de opvallendste tinten in een schitterend palet dat mij altijd aan Van Gogh doet denken. Het is op het einde van vorige eeuw zeldzaam geworden, maar nieuwe inzichten in natuurbeheer doen het hier en daar herleven. Klaprozen zijn synoniem met lange, zonnige, hete dagen, waar ze de zinderende lucht lijken aan te willen steken met hun felrode vurige bloemen.

 

Op verstoorde grond

Deze eenjarige planten uit de Papaver familie zijn niet gelukkig in een zeer verzorgde tuin. Het zijn eerder pioniers, die elk stukje omgewoelde of geploegde grond zullen opeisen. Vaak zien we ze verschijnen op plaatsen waar een nieuwe weg wordt aangelegd. De hopen grond kleuren rood en toch kan niemand zich herinneren dat hier ooit klaprozen werden geplant of gezaaid. Dat komt door de bijzonder lange levensvatbaarheid van de zaden.

Zaden van de Gewone klaproos werden, samen met zaden van gerst, teruggevonden in 4500 jaar oude Egyptische overblijfsels en ook in resten uit het bronzen tijdperk in Engeland. En er werd al aangetoond dat zaden die meer dan honderd jaar begraven waren, nog kiemkrachtig zijn. Klaprozen zijn dan ook lichtkiemers. Dat wil zeggen dat de zaden pas zullen kiemen als ze aan het daglicht worden blootgesteld. Die klaprozen die plots verschijnen op een hoop uitgegraven topgrond, kunnen daar dus al ten tijde van de Grote Oorlog hun zaden hebben verspreid.

 

Symbool

En net daardoor werden Poppies, zoals ze in de Angelsaksische wereld worden genoemd, tot symbool van de gesneuvelde soldaat. Na het beëindigen van WO I in 1918, zag men de daaropvolgende zomer vele klaprozen bloeien op de plekken waar zwaar gevochten was in en om de loopgraven. De grond was daar helemaal omgewoeld en lang begraven zaadjes grepen hun kans. Moina Belle Michael, een Amerikaanse, besloot om de klaproos te gaan dragen als eerbetoon aan alle soldaten die er het leven bij verloren. Dit groeide uit tot een groot gebeuren. De bloemen, weliswaar later nagemaakt in plaats van de echte, werden verkocht ten bate van nabestaanden en gewonden. Tot op de dag van vandaag is dit vooral in Engeland een gebruik en er bestaat een organisatie, Poppy Appeal, die zich met het vervaardigen en de verkoop van deze symbolen, uitgegroeid tot symbool voor alle gesneuvelden, bezighoudt.

 

In Flanders Fields

Het gedicht ‘In Flanders Fields’ werd al in 1915 geschreven door de Canadese soldaat John Mc Crae. Na de tweede slag bij Ieper, merkte hij op hoe de klaprozen bloeiden bij de verse graven van de gesneuvelden. De dag na het begraven van een gesneuvelde vriend, schreef hij dit nu beroemde gedicht.

(uitreksel, letterlijk vertaald uit het origineel)

In de velden van Vlaanderen wiegen de klaprozen

tussen de kruisen, rij aan rij

die onze plek aanduiden; en in de lucht

vliegen leeuweriken, nog steeds dapper zingend,

amper gehoord te midden van het kanongebulder

          

Eigenschappen

De Gewone klaproos is een eenjarige plant die je, net als andere Papaverachtigen, best direct ter plekke uitzaait. Ze hebben namelijk een penwortel, waardoor ze moeilijk te verplanten zijn. De bloemen zijn felrood met zwarte vlek aan de basis van elk bloemblad. Doorsnede van 6 tot soms wel 10 cm. Er bestaan benoemde zaairassen, maar de gewone soort is zeker even charmant. Zoals gezegd behoort de klaproos tot de zogenoemde pioniersvegetatie. Ze houden van omgewerkte, liefst kalkhoudende grond. We zien ze dan ook vaak langs akkers, spoorwegen, op bouwterreinen e.d.

Let op: deze planten bevatten alkaloïden in het bloemblad en de vrucht! Pas dus op voor kinderen die de bloemen in de mond zouden kunnen nemen. Ze smaken wel zeer bitter, maar toch. Vergiftigingsverschijnselen zijn meestal buikkrampen en braken, maar bewusteloosheid kan voorkomen. Vroeger werden de planten gebruikt in de volksgeneeskunde, tegenwoordig soms nog in homeopathie.

 

uit : Fence – juli 2013